De Mis(s)verkiezing komt na elf jaar terug op de buis. Het is een verkiezing van mooie dames met een bijzondere bijkomstigheid: een lichamelijke handicap. Het programma wordt uitgezonden door SBS en de presentatie is in handen van Lucille Werner. Het doel van het programma? Zorgen dat mensen met een lichamelijke beperking meer geaccepteerd worden. Programma’s als SynDROOM, Je zal het maar hebben en Undateables hebben een soortgelijk streven. Maar in hoeverre heeft dit soort socialisatieprogramma’s daadwerkelijk invloed op de beeldvorming over mensen met een beperking? Zorgt het voor tolerantie of worden mensen juist in een hokje geplaatst?

Mediapsycholoog Mischa Coster is gespecialiseerd in sociaalpsychologische aspecten van media, beïnvloedingstechnieken en gedragsverandering. Coster is ervan overtuigd dat programma’s waarin mensen met een beperking centraal staan vooral een voorbeeldfunctie hebben voor kijkers: “Mensen zien bijvoorbeeld hoe Johnny de Mol in SynDROOM met mensen met het syndroom van Down omgaat. Ik denk dat dat heel inspirerend kan zijn en dat het laat zien dat je normaal om kunt gaan met gehandicapten.”

Hij weet niet zeker of de programma’s ervoor zorgen dat mensen ook echt anders naar gehandicapten gaan kijken: “Dat betwijfel ik een beetje. Het zijn natuurlijk uitzonderingsgevallen dus het blijft altijd accommoderen en acclimatiseren als je met iemand geconfronteerd wordt die in die situatie zit. Ik denk dat dat niet zal veranderen, maar ik denk dat het wel een stukje onzekerheid bij mensen wegneemt. Het is fijn als je op tv al wat voorbeelden hebt gezien van hoe je iemand op een respectvolle en waardige manier kan benaderen.”

Winnares Mis(s)verkiezing 2006 geeft gehandicapten een stem

Roos Prommenschenckel is de winnares van de eerste Mis(s)verkiezing die in 2006 werd gehouden. Ze heeft sinds 2004 een zeldzame, neurologische handicap waarbij er een storing zit in de verbinding van haar hersenen naar haar spieren: dystonie. Daardoor wordt haar lichaam verkeerd aangestuurd en staat haar nek scheef. Prommenschenckel wilde de Mis(s)verkiezing vooral winnen om de hoofdprijs: voor één jaar ambassadeur worden van Onbeperkt Nederland. Dat is een organisatie die zich inzet voor mensen met een lichamelijke beperking. Ze kijkt met een tevreden en positief gevoel terug op haar deelname: “Het is belangrijk dat mensen met een handicap een gezicht krijgen. Op het moment dat mensen geen gezicht hebben, zijn het slechts aantallen. Het gezicht kan verhalen vertellen en aandacht vragen voor problemen. Die verhalen worden dan beter gehoord. Je krijgt een platform om je missie uit te dragen.”

Roos Prommenschenckel tijdens Amsterdam Fashion Week 2016

“Mensen krijgen meer zelfvertrouwen”

De winnares wilde destijds ook meer bekendheid geven aan haar ziektebeeld. Ze wilde aan de rest van Nederland laten zien wat er met haar aan de hand is. Dit zorgde ervoor dat ze andere mensen met een beperking inspireerde: “Mensen krijgen meer zelfvertrouwen. Ze krijgen het idee dat ze er mogen zijn. Ik vond het heel belangrijk dat ik extra aandacht kon vragen voor mijn ziekte.” Door haar ziekte kan Prommenschenckel niet lang zitten of lopen. Daarom gebruikt ze een rolstoel, maar die is niet altijd nodig: “Ik wilde uit mijn rolstoel stappen om te laten zien dat ik kan lopen. Mensen op straat vinden het nog weleens raar om te zien dat ik in een rolstoel lig en vervolgens toch kan lopen. Een jaar nadat ik dat had gedaan tijdens de Mis(s)verkiezing, stonden ook een paar andere dames op uit hun rolstoel op tv. Dat vond ik echt heel leuk.”

Een wereld gaat open voor jonge meiden

Prommenschenckel inspireert ook jonge meiden: “Nadat ik de Mis(s)verkiezing had gewonnen, ontmoette ik kinderen waar een wereld voor open ging. Voorheen droomden ze niet over modellencarrières of een baan op tv. Dat was voor hen een soort van uitgesloten. Nu zagen ze ineens in dat ze dat later ook kunnen doen. Alsof het daarvoor onmogelijk was.”

“In Cappies kon ze laten zien wat ze juist wel kan”

De 20-jarige Anouk Leenes deed in 2010 mee aan jeugdprogramma en talentenshow Cappies van de TROS. Ook gepresenteerd door Lucille Werner. Leenes heeft SMA (Spinale Musculaire Atrofie). Dat houdt in dat de signalen van het zenuwstelsel naar haar spieren niet goed doorgegeven worden. Het lijkt op de ziekte als die van Prommenschenckel, maar Leenes kan helemaal niet meer lopen en kan moeilijk tot bijna niet bewegen. Ook zij heeft alleen maar positieve ervaringen met haar deelname aan een tv-programma. Haar oudere broer Rick Leenes zag zijn zusje opbloeien tijdens opnames: “Ze vond het erg leuk om te doen. Ze hoefde zich door het programma niet te schamen voor haar handicap. In Cappies kon ze laten zien wat ze juist wel kan. Ze werd absoluut niet voor schut gezet.”

Anouk Leenes tijdens een hockeycompetitie in Waalwijk

Hij vindt het goed dat er programma’s zijn die gehandicapten onder de aandacht brengen: “Het mag best naar voren gebracht worden en voor de personen in kwestie lijkt het me een goede stap. Misschien opent het de ogen van kijkers. Die krijgen nu een ander beeld van mensen met een beperking. Ze zien dat gehandicapten niet zielig zijn en dat het ook gewone mensen zijn. Als je kijkt naar programma’s als Undateables en Je zal het maar hebben zie je dat die mensen alles uit het leven halen.”

“Ik zou niet aanbevelen om dit jaar in jaar uit achter elkaar te organiseren”

Prommenschenckel is ook van mening dat dit soort programma’s nog zeker nodig zijn om het beeld rondom gehandicapten te verbeteren: “Gehandicapt Nederland kan deze aandacht goed gebruiken, want de ontwikkelingen rondom acceptatie gaan best wel langzaam.” Maar programmamakers moeten er niet in blijven hangen volgens haar: “Ik zou niet aanbevelen om dit jaar in jaar uit achter elkaar te organiseren. Je hebt al een aparte verkiezing gehad, dus het zou bijvoorbeeld een mooie stap zijn om nu iemand mee te laten doen aan de reguliere missverkiezing.”

“Mensen denken niet aan schoonheid en een beperking in combinatie met elkaar”

De Mis(s)verkiezing vindt Prommenschenckel wel verschillen met programma’s als SynDROOM en Je zal het maar hebben. Zelf was ze ook te zien in een aflevering van Je zal het maar hebben: “Het verschil met die programma’s is dat mensen daarin soms als zielig, schattig of als een soort van minder worden neergezet. Bij de Mis(s)verkiezing worden we niet neergezet als minder. Niet iedereen is zomaar een miss. Je moet aan bepaalde voorwaarden voldoen om te winnen. De kracht van dit programma komt doordat er iets gekozen is wat niet bij een beperking past. Mensen denken niet aan schoonheid en een beperking in combinatie met elkaar. Het is zo tegenstrijdig dat het spraakmakend is en daarom leuk om naar te kijken.”

Twijfels

Mediapsycholoog Coster heeft in tegenstelling tot Prommenschenckel en Leenes zijn twijfels: “Het is altijd een beetje dubbel. Aan de ene kant dragen de programma’s wel bij aan de acceptatie of aan de goede omgang met gehandicapten. Maar tegenhangers zullen zeggen dat het onder de dekmantel van ‘taboe doorbreken’ wordt gedaan en dat er van de beperking misbruik wordt gemaakt om hoge kijkcijfers te halen. Misschien zit er ook een stukje leedvermaak in, maar wellicht heiligt het doel de middelen.”

Image Credits: Peter Stigter, Rick Leenes.