Foto: ©Jimmy on the Run

Totaal overdonderd was ze. Eva Cleven, de winnares van de Marconi Award voor aanstromend radiotalent. Ze moest het opnemen tegen Rob Janssen (3FM), Jordi Warners (Slam!) en Bas Menting (Radio 538). Met een gezicht vol ongeloof liep ze vorige week donderdag het podium op.

“Ik maak drie keer per week radio. Die andere jongens houden zich er fulltime mee bezig. Dus ik dacht: dit ga ik natuurlijk nooit winnen. Daarvoor moet je een of andere nerd zijn die alleen maar bezig is in de studio en radio maken.” De verbazing is nog steeds uit haar stem op te maken. “Het duurt denk ik nog wel twee weken voordat ik het besef.”

Naast drie programma’s op radiozender FunX presenteert Cleven sinds kort ook Het Klokhuis en zit ze bij de VPRO, waar ze onder andere werkt voor het radioprogramma 3voor12. Vlak voor de uitreiking genoot ze nog van een vakantie in Madagaskar. Amper terug op Nederlandse bodem mocht ze de prijs in ontvangst nemen.

Ondanks dat ze de prijs niet verwachtte, had ze wel een speech voorbereid. Die bedacht ze in de trein op weg naar de Marconi Awards. “Ik dacht: Wanneer werd ik heel gelukkig van de radio? En dat was gewoon op mijn kamertje, op zondagavond bij mijn ouders thuis. Alleen maar wachten tot die show op de radio is. Dus dat moest ik wel benoemen.”

 Je komt op een mooie lijst te staan van DJ’s die deze prijs ooit hebben gewonnen.

“Ik heb eens dat lijstje bekeken, daar word je helemaal bang van. Dat moet je niet gaan googelen. Michiel Veenstra, Domien Verschuuren (beiden 3FM red.), echt wel DJ’s die er nu zo ontzettend toe doen. Daar moet ik helemaal niet over nadenken. Ik moet gewoon lekker dingen blijven doen waar ik gelukkig van word, want zo ben ik ook op deze plek gekomen.”

Waar komt de voorliefde voor radio vandaan?

“Ik heb zoveel aan radio gehad: de muziek, de verhalen, de artiesten leren kennen. Ik zit nu bij een station dat heel toffe en verschillende soorten muziek draait.  En de mensen die naar FunX luisteren, zijn over het algemeen niet op hun mondje gevallen. Als ik iets roep als: ‘laat even weten wat je ervan vindt!’ Dan komen echt de meest verschillende meningen binnen en dan kunnen we het daarover hebben. Die interactie is echt te gek.”

 Je krijgt door deze award natuurlijk ook meer bekendheid.

“Ik hoef niet per se bekend te zijn. Ik wil gewoon leuk werk doen. Alleen is dat toevallig in de spotlight. Maar ik vind het wel te gek om te doen. Dus als mensen mij daar van kennen, vind ik het niet zo erg. Het is alleen raar dat mensen die jij niet kent, jou wel kennen.”

 


Maar met deze prijs op zak heb je wel een mooi vooruitzicht, toch?

“Zeker. Dat is het spannende. Het is een award voor aanstormend talent en dát moet je nog maar eens waar gaan maken. Dat drong de avond voor de uitreiking pas tot me door. Er zijn gewoon mensen die gaan zeggen: ‘Jij moet deze prijs nu gaan waarmaken.’ Dat is eigenlijk best een druk die erbij komt.”

Voel je die druk ook?

“Nee. Eigenlijk niet. Ik was er een beetje bang voor. Zometeen gaan mensen allerlei dingen van mij verwachten, daar heb ik allemaal geen zin in. Maar op het moment dat ik daar stond en die prijs ontving, dacht ik: Ja maar, ik heb dit ook gewonnen omdat ik doe wat ik doe. Niet omdat ik pretendeer een soort ‘radiogod’ te zijn.”

 Had je het de anderen ook gegund?

“Zeker weten. Het voelde ook alsof we het elkaar ook allemaal gunden. Jordi was natuurlijk al voor de tweede keer genomineerd. Bas had ik het zeker gegund, ook omdat hij ineens als vierde nog te horen kreeg dat hij ook genomineerd was. En Rob doet natuurlijk iets op de radio wat niemand doet.”

 Wat is er zo uniek aan zijn programma?

“Hij is echt super grappig. En hij maakt een programma omdat hij het leuk vindt om gekke dingen uit te halen, zoals het Mediacafé. Dat heb je nergens anders. Een soort hoorspel op de radio. Dat bestaat bijna niet meer. Ik vind het dus heel goed dat hij dit doet.”

 Hoe zie je de toekomst voor je?

“Ik wil graag radio en televisie blijven combineren, omdat ik denk dat het elkaar heel erg versterkt. Ik zou het heel gaaf vinden om televisie te maken op een radiomanier. Als je naar de radio luistert, heb je een heel andere soort concentratie dan wanneer je televisie kijkt. Die flashiness van televisie hoeft van mij niet. Het moet om de inhoud en het verhaal gaan zodat de beleving eigenlijk net zo is zoals bij een radio-uitzending. Dat kan ik bij Het Klokhuis niet zo goed doen. Daar ligt het script al voor mij klaar. Bij 3LAB kon dat beter, alleen dat bestaat nu niet meer. Jammer, daar had ik eigenlijk altijd heel leuke gesprekken met de makers. Daar heb ik zelf ook heel veel van geleerd, ook voor mijn radio-interviews.”

Image Credits: ©Jimmy on the Run.