Beter voorkomen dan genezen, zou je zeggen, maar de Nederlandse Raad voor de Journalistiek past zijn Leidraad alleen aan als journalisten tegen een maatschappelijk probleem aanlopen. De Vlamingen doen het anders. Zij passen hun Code uit voorzorg al aan. Zij hebben bijvoorbeeld zo’n duizend woorden over minderjarigen in hun Code opgenomen, om de jeugd te beschermen, terwijl in de Nederlandse Leidraad het woord ‘minderjarige’ niet eens voorkomt. Waarom maken de verschillende raden deze keuzes?

In 2016 is het aantal klachten bij de RvdJ met zestig procent toegenomen vergeleken met 2015 (bron: Villamedia). De meeste bezwaren kwamen voort uit onjuiste berichtgeving, het slecht toepassen van wederhoor en privacyschending. Een doelgroep waarbij deze fouten extra gevoelig liggen, is minderjarigen.

In Vlaanderen hebben ze een uitgebreid stuk over minderjarigen in de media in hun journalistieke code gezet. De Nederlandse Raad voor de Journalistiek is daar geen voorstander van. “We ontvangen nauwelijks klachten over minderjarigen in de media,” zegt secretaris D.C. Koene van de Nederlandse RvdJ. “Dat zou kunnen zijn omdat de Nederlandse media al terughoudend zijn als het over minderjarigen gaat.” Daarnaast vindt de organisatie dat te veel regels de persvrijheid belemmeren. “Sommige raden kiezen voor een hele uitgebreide code; wij zijn daar geen voorstander van,” zegt Koene. “Te veel regels komt de toepasbaarheid niet ten goede. Omdat er nog geen aanleiding is om een bepaling ten aanzien van interviews met jongeren op te nemen in de Leidraad, doen we het nog niet.”

De journalist die een minderjarige herkenbaar aan het woord laat, vraagt in principe toestemming aan de ouders of de voogd, of aan een derde die tijdelijk of occasioneel verantwoordelijkheid draagt over de minderjarige.”

In Vlaanderen denken ze daar iets anders over. “We zijn voor vrijheid en minderjarigen moeten hun mening kunnen geven, maar ze hebben ook recht op bescherming,” zegt Pieter Knapen, ombudsman van de Vlaamse RvdJ. “Omdat we al een aantal uitspraken gedaan hadden over de omgang van de pers met minderjarigen en omdat we daar ook af en toe vragen over kregen van journalisten, hebben we een richtlijn gemaakt. We hebben daarvoor ook van gedachte gewisseld met het Kinderrechtencommissariaat (onafhankelijke instelling van het Vlaams parlement die opkomt voor kinderrechten, red.) De vraag of journalisten toestemming moesten vragen aan een ouder was een kwestie die vaak terugkwam. Daarom hebben we een richtlijn in de Code gezet over deze groep.”

Als je als Vlaamse journalist een minderjarige wilt interviewen, is dit je richtlijn: “De journalist die een minderjarige herkenbaar aan het woord laat, vraagt in principe toestemming aan de ouders of de voogd, of aan een derde die tijdelijk of occasioneel verantwoordelijkheid draagt over de minderjarige. Toestemming is nodig bij emotioneel geladen onderwerpen, controversiële onderwerpen en langer lopende rubrieken of reportages waarin de minderjarige de rode draad vormt.” De volledige beschrijving en andere regels over omgang met minderjarigen kun je hier lezen.

“Het is een ongeschreven regel om rekening te houden met kinderen. Dat is een regel die uit normaal, gezond verstand komt. Dat verstand krijgt iedereen, als het goed is.” 

De journalistiek moet een beetje tussen de Nederlandse en Vlaamse aanpak zitten, vindt media-ethicus Jos Straathof. “Ik ben geen voorstander van het op voorhand verbieden,” zegt hij. “Dat neemt de persvrijheid weg, maar het is wel zo dat we een beetje achter de feiten aanlopen. Dat is niet erg, want het kan niet anders. Kinderen zijn een kwetsbare groep, die moet je in bescherming nemen. Met iemand van acht kun je geen afspraken maken, de afspraken zijn ook niet eens rechtsgeldig. De kinderen kunnen nog geen gevolgen zien dus dan heb je inderdaad een ouderlijk figuur nodig om keuzes voor ze te maken. Het is een ongeschreven om rekening te houden met kinderen. Dat is een regel die uit normaal, gezond verstand komt. Dat verstand krijgt iedereen, als het goed is.”

Dat minderjarigen in de Code staan, geldt trouwens alleen voor de Vlaamstalige Raad voor de Journalistiek. In België kennen ze twee Raden die over de journalistiek gaan: een Vlaamstalige en een Franstalige. In de Franstalige Code komen minderjarigen minder uitgebreid aan bod. “In het ene land worden financiële kwesties uitgebreid beschreven, in een ander land minderjarigen en in nog een ander discriminatie en racisme, een beetje afhankelijk van de situatie en mogelijke vragen die er leven,” zegt Knapen. “Zoiets groeit organisch.”