Van vernielde camera’s, auto’s en scheldpartijen naar digitale bedreigingen. “We zien een verschuiving in het soort geweld,” zegt Thomas Bruning, algemeen secretaris Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ).

 “Het is heel beangstigend dat je in sommige situaties weg wil, maar niet weg kan,” zegt Frans Kienhuis, hij was twaalf jaar cameraman bij Omroep Brabant. Hij heeft, naar eigen zeggen, een aantal keer als een rat in de val gezeten. Zo ook tijdens de rellen in de Graafsewijk in Den Bosch. “Ik stond als een soort pispaaltje, met een lampje op de camera, midden in een groep relschoppers. Met allerlei riemen en stokken kwamen ze mij achterna. Wij vluchtte als een speer naar binnen in het huis. De relschoppers sloegen de voordeur en de ramen in. Wij wilden door de achterdeur weer naar buiten, maar de achterdeur was op slot en de bewoners konden de sleutels niet vinden. Ik heb toen een klap op mijn hoofd gekregen, maar uiteindelijk zijn de relschoppers weggegaan. We zijn met een vuilniszak om de camera naar de auto gelopen.” Nooit eerder was Kienhuis zo verrast en geschokt als toen. “Er waren ook situaties waarin ik snapte dat mensen agressief of aanvallend reageerden. Bijvoorbeeld als ik beelden moest maken voor een gebeurtenis die voor sommige mensen negatieve gevolgen had.”

Onderzoek
Meer dan de helft van de Nederlandse journalisten heeft weleens mee te maken gehad met geweld of bedreigingen, dat blijkt uit het meest recente onderzoek (2009)van de Nederlandse Vereniging van Journalisten. De NVJ hoopt binnenkort een nieuw onderzoek te doen om ook de bedreigingen via social media in kaart te brengen. Het geweld tegen journalisten is in Nederland van een heel ander kaliber als in sommige andere landen. Volgens de Persmonitor behoort Nederland tot de landen met de meeste persvrijheid, samen met andere West-Europese en de Scandinavische landen.

Digitale bedreiging
Nederlandse journalisten hebben door de komst van internet op een andere manier met geweld te maken. Thomas Bruning van de NVJ: “In 2010 zag je al dat journalisten doodsbedreigingen kregen via de mail. Wat ook geweld is en wat ook gevolgen kan hebben. Dat zien we op social media ook heel veel terugkomen. Als journalisten of andere mensen zich in de media begeven, worden zij soms via hun Twitteraccount of Facebook enorm uitgescholden of bedreigd. Via social media wordt heel veel op de persoon gespeeld en niet zo zeer op de inhoud. Hierdoor kunnen mensen terughoudender worden met bijvoorbeeld interviews geven op televisie.” Niet alleen via social media, maar ook op straat zijn de gevolgen van internet merkbaar. “Fysiek geweld tegen mensen die een camera hanteren is iets van alle dag. Ook omdat mensen weten dat de beelden op internet heel lang blijven bestaan en makkelijker gevonden kunnen worden,” zegt Bruning.

De gevolgen van de bedreigingen op internet ondervindt ook Elfie Tromp, columnist bij Metro. “Ik heb censuur op mijn foto’s toegepast. Zeker op de foto’s op mijn social media accounts. Ik heb mijn statusupdates afgeschermd en heb geen onthullende foto’s waar bijvoorbeeld mijn decolleté te zien is.” Elfie kreeg een aantal heftige (seksuele) bedreigingen toegestuurd naar aanleiding van haar columns in de Metro. “Verkrachting met de dood tot gevolg, dat is het ergst wat tegen me gezegd is.” Deze bedreigingen worden alleen via het internet geuit, op straat is Tromp nog nooit lastig gevallen of beledigd. “Ik probeer het weg te lachen, maar dat lukt heel slecht. Verder deel ik het met andere columnisten die met dezelfde dingen te maken hebben. Ik heb er zelf ook weer een column over geschreven.” Ze probeert zich, naar eigen zeggen, zo min mogelijk aan te trekken van de bedreigingen, maar dat lukt niet altijd. Tromp schreef een column over misstranden in een kerk waarna ze een dagvaarding van een advocaat op de mat had liggen. “Omdat de mensen van de kerk heel erg aanvallend zijn en meteen naar de rechter stappen, ben ik daar wel terughoudender in. Dan schrijf ik er niet meer over. Dus in die zin is dat wel een soort censuur die ik toepas op mijn eigen stukken. Verder leg ik me geen zelfcensuur op in wat ik schrijf.”

Hulp
Tromp hoopt dat bedreigingen via internet in de toekomst minder worden. “Misschien dat de online pesterijen meer gereguleerd gaan worden door wetgeving. Je merkt al dat mensen ontslagen of van hun opleiding verwijderd worden, als ze zich racistisch uitlaten of bedreigend opstellen naar andere mensen op social media. Dus misschien zorgt dat ervoor dat mensen in de toekomst wel twee keer nadenken voordat ze zoiets doen.” Ook de NVJ biedt mogelijkheden voor journalisten om zich beter voor te bereiden op bedreigende situaties. Zij geeft cursussen voor mensen die vaak bij conflicten aanwezig zijn, bijvoorbeeld politieagenten, maar ook journalisten. Hier worden handige tips gegeven. Bijvoorbeeld dat het handig is om altijd met twee mensen op locatie aanwezig te zijn. Via de NVJ is er ook nazorg, zoals psychologische hulp, voor journalisten die te maken hebben gehad met geweld. Verder kan de NVJ een bemiddelende functie hebben tussen journalisten en de politie om te zorgen dat aangiften van geweld serieus worden genomen. Cameraman Kienhuis: “Je moet er ook een beetje tegen kunnen als je dit vak uitoefent.”