Sociale media gebruiken voor je journalistieke bronnen. Een relatief nieuw fenomeen in het vak. Het is gemakkelijk om via die kanalen natuurlijk even een oproepje te plaatsen. Maar niet iedereen juicht deze manier van werken toe. Daniël Verlaan, afgestudeerd techjournalist en journalist voor NU.nl, bundelt wekelijks de mooiste oproepen op JournaLUIstiek.

Zijn website staat vol met oproepjes van ‘luie’ journalistiekstudenten die op zoek zijn naar hun bronnen. In plaats van te bellen of een extra keer te googlen, plaatsen de journalisten in spe de oproepen gewoon op Facebook en Twitter.

Eerder plaatste Verlaan dit soort berichten al op zijn Twitter. Verlaan merkte op dat er tegenwoordig wel heel veel ‘verzoekjes’ in zijn tijdlijn verschenen. Zijn volgers genoten klaarblijkelijk van de achteroverleunende studenten die op zoek waren naar ‘leuke stotteraars’ en dus vond hij het tijd voor een verzameling. Daar ontstond het idee voor een website.

“Ik was ontzettend brak op een maandag en ik had niks te doen. Ik besloot de website op te richten uit lolligheid. Dat lolletje werd opgepikt door meerdere journalisten en columnisten. Mensen van NU.nl en NRC Next hebben het artikel ook aangegrepen. Ik vind zo’n oproep ook niet getuigen van professionaliteit. Ik zou mijn naam niet verbonden willen zien aan zoiets. Helemaal niet als erbij staat dat ik student Journalistiek ben.”

Op de Fontys Hogeschool voor Journalistiek (FHJ) in Tilburg heb je voor behoorlijk wat gespreksstof gezorgd. Veel studenten waren opgewonden over dit ‘elitaire’ idee en vonden het schokkend. Was dat op de School voor Journalistiek (SvJ) in Utrecht ook het geval?

“Nee, niet zo erg als op de FHJ, dat is me ook opgevallen. Het zijn vooral studenten uit Tilburg geweest bij wie de nekharen overeind gingen staan. Dan zal ik toch ergens wel een punt hebben gemaakt met het bundelen van deze oproepjes. Ik ben ook door studentjes en met name meisjes uitgemaakt voor elitair. Ze vonden het echt niet kunnen.”

Hoe zouden journalistiekstudenten dan aan hun informatie en hun bronnen moeten komen?

“Houd je ogen en oren open. Zoek op Facebook binnen bepaalde groepen. Ik heb ook een oproep gezien van iemand die op zoek was naar mensen die door Tinder een relatie hebben gekregen. Er bestaat nota bene een groep voor Tindergebruikers waar diezelfde oproep ook al was gepost. Daar hadden acht mensen op gereageerd. Kijk een stapje verder en doe wat meer onderzoek.”

Ligt de verantwoordelijkheid bij de scholen?

“Ik kan studenten niet afrekenen op de lesstof. Ik vind de SvJ en de FHJ geen goede scholen, integendeel zelfs. Ik heb begrepen dat studenten van de FHJ les hebben gehad in het gebruik van sociale media, alleen wordt het kennelijk nog steeds verkeerd gebruikt. Daar zou een Alexander Pleijter (lector Journalistiek en Innovatie aan de FHJ red.) iets aan moeten doen.”

Alexander Pleijter, lector Journalistiek en Innovatie in Tilburg, is het er overigens mee eens dat hogescholen meer aandacht zouden moeten besteden aan het hoe te bereiken van bronnen. Sociale media gebruiken als een verlengstuk van je werk, dat is volgens hem geen probleem.

 Hoe moeten studenten volgens u omgaan met sociale media?

“Ik vind de oproepjes op Verlaan zijn site een kwalijke zaak. Een vraag voor een telefonisch interview op Twitter vind ik iets anders dan het plaatsen van complete oproepen inclusief de vraag waar je bepaalde informatie kunt vinden. Dat vind ik niet kunnen. We zouden daar in ons lesprogramma meer aandacht aan moeten besteden.’’

Rene Quist is docent op de FHJ. Quist deelt de mening van Verlaan dat Facebook en Twitter niet puur als primaire bron gebruikt moeten worden. Maar hoe dan?

“Het werkt averechts. Vorig jaar was er een student die op zoek was naar Marcel Wouda (bondscoach van Nederlandse zwemmers red.) en plaatste een oproep. Marcel Wouda is gemakkelijk te bereiken via de KvK. Ik snap wel dat Facebook een medium is dat zeer toegankelijk is, maar toch. Sommige studenten zijn bang om te bellen, maar als je belt, heb je wel meteen de juiste persoon te pakken.”

Daniël Verlaan heeft aangegeven dat Alexander Pleijter of jullie als docenten van iets aan dit probleem moeten doen. Bent u het daar mee eens?

“Ja, ook al hameren we er vanaf dag één hameren op dat goede research belangrijk is. Bij het project ”Onderzoeksredactie” in het tweede jaar gaan we ons daar meer op focussen.  Je moet je afvragen wie je wil zoeken en hoe je dat wil bereiken. Als journalist ben je een timmerman. Soms lukt het met een simpel hamertikje, maar soms moet je ook dieper graven en meer gereedschap gebruiken.”

Waar ligt het dan aan? Generatiekloof?

“Er zit nog een hele wereld achter die van de oproepjes. Deze twitterende journalistengeneratie is opgegroeid met Google en met internet. In mijn tijd bedacht je goed wat je wilde bereiken zonder complete documenten te hoeven doorspitten. Het probleem van die oproepjes is op drie punten samen te vatten. Als eerste: Studenten vinden bellen soms lastig. Ten tweede weten ze nog niet echt hoe ze moeten zoeken. Ten derde wordt er niet altijd geluisterd naar wat docenten zeggen.”

Quist deelt de mening van Verlaan.

“Kijk in de spiegel en vraag je af waarom je boos bent. We zouden als journalisten juist blij moeten zijn met dit soort initiatieven.”